Geboren in Amsterdam in de tijd dat Ajax Europa veroverde, neergestreken in Deventer op zijn 21ste. Donny Reugebrink, inmiddels 22, stapte over van tweedeklasser Monnickendam naar Go Ahead Eagles 2. Met dank aan zijn oom én scout/teammanager Alfred Knippenberg. “Donny wil geen dubbeltje reiskostenvergoeding, dat zegt iets over zijn instelling.”

Degenen die van ver komen zijn altijd als eersten. Het vooroordeel is van toepassing op Donny Reugebrink. Als de rit vanuit de hoofdstad eindbestemming Adelaarshorst heeft bereikt, duikt Reugebrink direct het krachthonk in. “Ik moet sterker worden”, zegt de Randstadbewoner zelfbewust. Vaak reist hij samen met teamgenoot Darryl Bobson, ook een Amsterdammer. Maar in elk geval vroeg, zodat hij niet na de training nog krachtoefeningen moet doen. “De training duurt tot half vier. Daarna is het douchen en wegwezen. Als ik de files voor kan zijn, ben ik een uur onderweg, anders twee uur.”

Eenmaal thuis staat een warme maaltijd voor hem klaar. Niet alleen Reugebrink zelf doet er alles aan door te breken in het profvoetbal, zijn naasten steunen hem op alle mogelijke manieren. In praktische zin en in de vorm van support bij wedstrijden. Zijn familie reist hem achterna het land door.

BRP_0314
In actie (links) tijdens de met 2-1 verloren thuiswedstrijd tegen FC Dordrecht 2. (Foto: Niels Breider)

Talentvol neefje
Teammanager/scout Alfred Knippenberg ontdekte Reugebrink. “Zijn oom belde me met de mededeling dat hij een talentvol neefje heeft”, vertelt Knippenberg. “Dat gebeurt wel vaker en ik vraag me dan af: onder welke weerstand ben je goed? Nadat ik Donny had gegoogled, ben ik toch gaan kijken bij Monnickendam, waar hij één van de smaakmakers bleek te zijn. Die jongen verdient een kans, dacht ik. Kick Maatman heeft hem mee laten trainen en hij doet het inmiddels zo goed dat hij aanvoerder is en al met het eerste heeft meegedaan in oefenduels. Donny heeft een echte winnaarsmentaliteit en is daarmee een voorbeeld voor de groep. Bovendien wil hij geen dubbeltje reiskostenvergoeding, dat zegt iets over zijn instelling.”

De enorme drive van Reugebrink laat zich verklaren door het besef dat dit zijn allerlaatste kans is door te breken in het profvoetbal. “Wat is er mis met keihard trainen? Ik heb vier weken meegetraind met het eerste en daar gaat alles net een stapje sneller en feller. Uiteindelijk wil ik in dat stadion spelen.” Bij Monnickendam was hij een vreemde eend in de bijt. Waar teamgenoten bij verlies soms breed grijnzend het veld afliepen en uitkeken naar de derde helft, daar baalde Reugebrink als een stekker. Bier dronk en drinkt hij niet. “Ik kan niet tegen mijn verlies. Of dat nou met voetballen is of met een potje kaarten…”

De geboren en getogen Amsterdammer, Reugebrink woont in ’t Twiske in het noorden van de stad, ligt volgens eigen zeggen goed in de groep. “Ik kan het met iedereen goed vinden en ook bij het eerste vangen ze me goed op. Hartstikke relaxte gasten allemaal. Laatst zijn we samen op stap geweest in Amsterdam en was ik de gids.” Hij concentreert zich volledig op voetbal en is gestopt met zijn mbo-studie management. “Ik ben nu zó dichtbij het betaalde voetbal, het moet lukken. Van trainers en medespelers krijg ik ook het gevoel dat het te halen is. Mijn kwaliteiten? Moeilijk van jezelf te zeggen, maar ik heb denk ik een aardige trap, inzicht, loopvermogen en ben een winnaar. Ik werk kei- en keihard en eenmaal voor de goal krijg ik de bal er vaak ook wel in. Ik moet werken aan mijn aanname en mezelf in tactisch opzicht verbeteren. Ook mijn startsnelheid mag beter.”

Bij Go Ahead Eagles voelt hij zich in elk geval goed. “Een gezellige, warme club. Het stadion zit meestal bom- en bomvol, welke Jupiler League-club kan dat zeggen? Daarom: Go Ahead Eagles moet zo snel mogelijk terug naar de eredivisie.”

scalderwood2
Scott Calderwood, trainer Go Ahead Eagles 2. (Foto: Erik Pasman)

‘Het druistige moet eraf’
“Voor Donny heb ik heel veel tijd over”, zegt Scott Calderwood, trainer van het schaduwelftal. “Hij komt uit de tweede klasse en moet nog veel leren. Zo moet het druistige eraf. Maar die jongen werkt zó hard en is zo goed bezig te slagen. Donny zal nooit van z’n leven zijn man laten lopen. Voor iemand die van een amateurclub komt, pakt hij het heel goed op.”